Beplanting

beplanting

Beplanting en sfeer
De sfeer van een tuin wordt grotendeels bepaald door de planten. Beplanting kan een tuin natuurlijk en weelderig maken, een strakke en sobere sfeer geven of juist stoer en robuust zijn. Beplanting verandert met de seizoenen mee, of kan juist het hele jaar door groen zijn. De sfeer hangt erg af van de plantcombinaties waarvoor gekozen wordt in het tuinontwerp.

Plantcombinaties
Bij het combineren van planten kijken we niet, zoals dat traditioneel gebeurde, alleen naar de bloemkleur. Veel bepalender is de vorm van de plant, de bladkleur en de textuur en de bloeitijd. Je begint met het bepalen van de opbouw van de border. Vaak komen lage bodembedekkers voorin en hogere soorten achterin. Je kunt bij de opbouw ook kijken naar wat interessant is aan een plant. Is hij interessant vanwege kleine details, bladtextuur of geur, dan is dat een reden om hem voorin de border te plaatsen. Is een plant interessant vanwege de vorm of het silhouet, dan komt hij het best tot zijn recht achter in de border, waar hij van een afstand gezien kan worden. Kijk hier voor tuininspiratie.

Siergrassen zijn erg nuttig voor het maken van mooie plantcombinaties. Ze hebben een specifieke vorm doordat ze met hun aren recht omhoog wijzen, bewegen in de wind en vaak transparant zijn. Dit is goed te combineren met een contrasterende vorm zoals Stachys, Hosta of Acanthus. Een andere mogelijkheid het zoeken naar een soort die een overeenkomstige vorm heeft. Voorbeelden zijn Agastache foeniculum of Persicaria ‘Firetail’. Deze planten hebben net als de siergrassen bloemen als opgaande aren. Het verschil zit hem juist in de kleur. Het resultaat is een sterke plantencombinatie waar eenheid en spanning in zit. In onze projecten spelen we steeds met contrast, eenheid en spanning.

Welke plant op welke plek?
In het beplantingsplan wordt, naast sfeer en plantcombinaties, gekeken naar de groeiomstandigheden. Welke plant op welke plek thuis hoort hangt onder andere af van de grondsoort, de vochtigheid en de hoeveelheid zon. Enkele voorbeelden van planten voor lastige plaatsen:

Planten voor zandgrond:
Buddleja davidii ‘White Profusion’
Ceratostigma willmottianum
Echinops bannaticus ‘Tablow Blue’
Persicaria affinis ‘Superba’
Eryngium oliverianum

Planten voor kleigrond:
Geranium psilostemon
Hydrangea paniculata ‘Kyushu’
Lonicera nitida ‘Silver Lining’
Persicaria campanulata
Syringa vulgaris ‘Katherine Havemeyer’

Planten voor natte grond:
Alnus glutinosa ‘Imperialis’
Cimicifuga racemosa
Darmera peltata
Iris versicolor
Lythrum salicaria

Planten voor droge, hete plaatsen:
Allium Hollandicum
Ceratostigma plumbaginoides
Achillea tomentosa
Dianthus ‘Haytor white’
Ceanothus ‘Cascade’

Planten voor schaduw:
Asplenium scolopendrium
Anemone ‘Honorine Jobert’
Tiarella cordifolia
Vinca minor ‘Atropurpurea’
Helleborus foetidus ‘Wester Flisk’